Brothers in arms

Sommige plannen zijn op het eerste gezicht zo geniaal dat het een wonder mag heten dat ze nog niet gerealiseerd zijn. Vorige week kwam er zo eentje uit het brein van Gwendolyn Rutten. Als er nog bespaard moet worden, zo liet ze weten, dan is Defensie een geschikt departement. Dat is niet alleen zo omdat het niet door een partijgenoot wordt bestuurd, maar vooral omdat we toch naar een Europees leger gaan. Vanuit die optiek heeft het geen zin meer dat de Belgische landsverdediging nog op alle dimensies van de strijdkrachten inzet.

Daar is iets van aan. Vandaag heeft haast elk van de achtentwintig lidstaten een eigen landmachtje, een eigen zeemachtje, een eigen luchtmachtje en een eigen muziekkapel. Er gebeurt dubbel werk en dat is niet slim. Omdat de middelen zo versnipperd zijn, lukt het bovendien niet om de aankopen te doen die nodig zijn om de oorlogen van vandaag te voeren. De strijd van tegenwoordig wordt niet meer gewonnen met een gepantserde tank en een regiment parachutisten, maar met speciaal en vooral duur materiaal, waar de lidstaten elk apart hun broek aan scheuren. Een eengemaakte defensie zou eindeloos veel efficiënter zijn dan een hele stoet nationale defensietjes.

Al die aparte legers stammen bovendien uit een tijd waarin de veiligheidsuitdagingen anders lagen. We moeten ons nu niet meer beschermen tegen buurlanden met slechte bedoelingen. Er is geen Belgisch leger nodig om rond Elsenborn de Duitse troepen desgevallend terug te drijven en ook zonder Franse bataljons blijven de Italianen wel aan hun kant van de Alpen. Bij verhoogd terreurniveau sturen we nog wel eens een para naar de De Keyserlei en als het moet, kan de infanterie de stad beschermen tegen losgeslagen Berbers. Maar militaire inspanningen kaderen tegenwoordig toch eerder in bredere internationale missies, liefst met een mandaat van de Verenigde Naties. Of het leger doet aan vredeshandhaving of het verricht humanitaire taken. Geen van die opdrachten moet per se nog door nationale strijdkrachten worden aanpakt.

Onlangs drong ook Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker erop aan om werk te maken van een Europees leger. De reacties in de rest van de Unie waren lauw. Nationale legers mogen dan wel uit de tijd zijn, voor de oprichting van een Europees leger is het water nog te diep. In België en Luxemburg is er een draagvlak voor, maar ons Regiment Ardense Jagers is dan toch te embryonaal om de kern te zijn van een eengemaakte defensie. Zonder zware Britse of Franse inbreng heeft zo’n Europees leger niet veel om het lijf. We zijn nog ver af van de droom van Rutten: een gedisciplineerd korps van blauw geüniformeerde Zweden, Italianen en Finnen, met gouden sterren op hun revers, die naar Europese bevelen luisteren en ’s ochtends in hun kazernes de Europese vlag hijsen.

En toch beweegt er wat. De voorbije jaren werd er al een ruim handvol gezamenlijke militaire operaties opgezet. Soldaten uit verschillende lidstaten opereren onder Europees commando omdat landen de operaties niet meer zelfstandig rond krijgen. Ze waren al actief in Tsjaad en in Congo, en bestrijden piraten in de Golf van Aden. Zoals zo vaak in Europa: de integratie schrijdt voort, niet uit enthousiasme, maar omdat het van moeten is.

Het ziet ernaar uit dat ook de defensie meer en meer geëuropeaniseerd raakt en dat de enthousiastelingen op een dag het pleit wel zullen winnen. Er is evenwel een fundamenteel probleem waar de supporters van het Europese leger in hun geestdrift aan voorbijgaan. Het heeft te maken met de sturing van defensie: wie gaat beslissen waar er schoten gelost mogen worden? Waar er dus ook gesneuveld wordt in naam van Europa? Wie neemt de bodybags in ontvangst na een gevaarlijke interventie?

Het verschil tussen een bende gewapende bandieten en een leger bestaat er bij ons in dat het laatste door de politiek legitiem wordt aangestuurd. Maar hoe gaan we dat regelen in een Europese Unie die niet eens over een eengemaakt buitenlands beleid beschikt? Bij conflicten in het Midden-Oosten, de vraag om nieuwe sancties tegen Rusland, het bepalen van de houding ten opzichte van Syrië: steeds valt op hoe verdeeld de lidstaten zijn en hoe moeilijk het is om tot krachtige Europese standpunten te komen. Hoe gaat dat vertaald worden door het Europese leger? Gaat een deel van ons leger de veiligheid van Israël bewaken, terwijl er zich een ander deel achter de Palestijnen schaart? Zal een deel van ons leger op vraag van Kiev in Oost-Oekraïne terrein terugwinnen op de Russen en doorstoten naar de Krim, terwijl verderop een paar bataljons samen met Russische troepen de Europese energiebevoorrading garanderen?

Als de bevelstructuren van de Europese defensie even chaotisch in elkaar zitten als het buitenlands beleid van vandaag, dan wordt het eerder een Mexicaans leger, dat zonder strakke sturing in allerlei richtingen tegelijk marcheert. Als de wapens geladen zijn en de soldaten op scherp staan, is dat toch maar een griezelig idee.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s