De ladder van de beschaving

De laatste keer dat er hier een vluchteling met open armen ontvangen werd, was in 2013. Het ging om ­Gérard Depardieu, op de loop voor de Franse fiscus. Hij kreeg een verblijfsvergunning, een interessante regeling voor zijn belastingen, en bij aankomst een receptie met hapjes en schuimwijn. Een bed en droge kleren vond hij zelf wel. Of hij ook een paar dagen had moeten aanschuiven bij de Dienst Vreemdelingenzaken, is niet geweten.

De gemiddelde Vlaming, die bij de omschrijving van zijn identiteit graag pronkt met zijn gastvrijheid en zijn goede inborst, houdt niet van vluchtelingen. Volgens een enquête van VTM vindt 80 procent van de Vlamingen dat we er nu wel genoeg herbergen. Ze komen hier halsoverkop toe, staren stug voor zich uit, spreken de taal niet, hebben een andere godsdienst en straks laten ze de rest van de familie overkomen. In plaats van een broek dragen sommigen een gewaad. Gedachten dwalen dan af naar Osama bin Laden, die ook al zo gekleed ging. Als een populaire partijvoorzitter de woorden vluchteling, crimineel en terrorist in dezelfde paragraaf gebruikt, weet iedereen hoe laat het is. Die armoezaaiers brengen narigheid en de deur moet op slot.

Dat de regering dat vooralsnog niet doet, is moedig. Ministers, ook die van de partij met de populaire voorzitter, weten dat het ingewikkelder is. De mensen die nu aankomen, komen vooral uit de gebieden waar Rudi Vranckx gevaarlijke toeren uithaalt: Syrië, Irak, Afghanistan, Eritrea. Er is daar oorlog, dorpen zijn er platgebrand, hoofden worden afgehakt. Dit gaat niet meer om economische vluchtelingen. De grens is natuurlijk dun, want wie uit miserie heel Afrika doorkruist op zoek naar eten en onderdak, is er niet noodzakelijk beter aan toe dan iemand die voor soldaten vlucht. Maar we hadden ons ingeprent dat gelukszoekers in eigen land wat meer hun best moesten doen. Gewetensgewijs kwamen we daarmee weg. Het vluchtelingenstatuut, zo zeiden we, is voor mensen die voor oorlog en vervolging op de loop gaan. Dat was gemakkelijk, want die raakten hier toch niet – of slechts per ongeluk.

Maar sinds enige tijd hebben we tegenslag, want de oorlogen van vandaag woeden op wandel- en vaar­afstand. Als we niet willen zakken op de ladder van de beschaving, moeten we de vluchtelingen die aankloppen dus welkom heten. Stiekem is er natuurlijk de hoop dat ze op weg naar Brussel verloren lopen.

De hypocrisie spat eraf. Officieel zeggen we ‘foei’ tegen de Hongaren en hun prikkeldraad, maar eigenlijk wensen velen dat die muur zijn werk doet. Een vluchteling die in de Balkan blijft hangen, is ons probleem niet. Intussen vallen er doden in de oorlog, in het water van de Middellandse Zee en in de laadruimte van vrachtwagens, op de pechstrook tussen Boedapest en Wenen. We organiseren een minuut stilte en kijken verdrietig, maar zijn toch vooral opgelucht dat ze ons land niet bereikten.

Denken we nu echt dat die vluchtelingen hun leven riskeren voor hun plezier, voor ons kindergeld, of voor Het Lam Gods of het Atomium? Aan kunstschatten hebben ze in eigen regio geen gebrek, tot voor kort althans. Velen hadden voor de oorlog een betrekkelijk goed leven. Nu schuiven ze aan voor een triest kantoor in een druilerig Brussel. Omdat ze geen alternatieven meer hebben, niet omdat ze willen profiteren.

De gastvrije Vlaming ziet het anders en hoopt dus dat de aanvragen voortaan geweigerd worden. Er zijn hier per slot van rekening in totaal al een paar duizend vluchtelingen. Libanon, ter vergelijking, heeft een bevolking van 4,8 miljoen, en daar komen intussen haast 1,5 miljoen Syriërs bij, naast een hoop Palestijnen en ander wanhopig volk uit de wijde regio.

Laten we, beste nieuwsredacties, de woorden ‘overspoelen’ en ‘overrompelen’ voortaan achterwege laten als we het over onze toestanden hebben. Niet om de waarheid te verbloemen, wel omdat het niet correct is. We hebben ook geen politici nodig die hun somberste gezicht opzetten, de argwaan oppoken of vluchtelingen verwarren met terroristen. In essentie gaat dit om diep menselijk lijden. In vergelijking met de miserie in de regio van oorsprong, is dit voor ons geen onbeheersbaar probleem dat het systeem gaat ontwrichten. Een land, gelegen in de meest welvarende regio van de wereld, dat niet primitief wil zijn, kan maar één ding doen: een deftig onthaal regelen.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s