Een spagaat van formaat

‘De democratische revolutie is begonnen en de bar is open!’ Zo klonk het toen bleek dat de neen-stemmers het gehaald hadden in het Nederlandse referendum over Oekraïne. Of ze het feest van de democratie even jolig zouden inzetten als pakweg de Maltezen een Europese deal onderuithalen waar Nederland goed aan verdient, daar dachten ze aan hun bar niet over na.

Als het past in de eigen kraam, bedient men zich graag en gretig van het democratische argument. Toen Syriza de Griekse verkiezingen won, moest voor sommigen ter linkerzijde het besparingsbeleid in heel Europa in naam van de democratie de schop op. Dat Angela Merkel met evenveel overtuiging de Duitse verkiezingen won, deed dan niet ter zake. En als Viktor Orban in Hongarije de stembusgang wint met een score waarbij die van Syriza verbleekt, dan is het de vijand die ineens over de kracht van de democratie jubelt. Apostelen van de democratie vind je overal, ze oordelen selectief en ze zijn zelden consequent.

De ellende van de Europese Unie is niet dat ze ondemocratisch is, maar hyperdemocratisch. Daar weet de Nederlandse premier Mark Rutte alles van. Europa luistert naar alle stemmen, en niet alleen naar die van hem. Aan de onderhandelingstafels in Brussel komen standpunten van 28 lidstaten en allerhande strekkingen in een grote brij bijeen. Daar komt onvermijdelijk een compromis uit. Rutte werkt daar knarsetandend, maar wel actief aan mee. Nederland heeft Europa namelijk nodig. Als kleine handelsnatie is het sterk afhankelijk van akkoorden met andere Europese landen en met de rest van de wereld. Als je als blok onderhandelt met Chinezen, Amerikanen of Indiërs, beschik je over eindeloos veel meer macht dan wanneer het ieder voor zich is, in verspreide slagorde. Bovendien zijn er de talloze uitdagingen die een land apart simpelweg niet kan aanpakken, van klimaatverandering tot terreur. Zelfs Nederland niet. Er moet worden samengewerkt en de partners hebben uiteraard eigen belangen en prioriteiten, en die zijn allemaal even legitiem. Dus wordt er onderhandeld, gepraat en gesjacherd alvorens uit te komen bij het ultieme compromis. Dat is zelden een bron van reusachtig enthousiasme. Maar tegelijk beseft ieder land dat samenwerking te verkiezen valt boven elk-voor-zich, een strategie waarmee je op de pechstrook van de geschiedenis belandt, machteloos, triviaal en speelbal van de groten.

Eenmaal terug in Den Haag verandert Rutte evenwel in Geert-Wilders-in-het-klein. Dan sakkert hij: de Unie kost te veel, maakt nutteloze regels, legt de verkeerde prioriteiten. Europa houdt te weinig rekening met de wil van de mensen, meer bepaald de Nederlandse mensen.

Als een volwassen man in een spagaat verkeert, loopt dat gewoonlijk verkeerd af. Rutte doet het al jaren. Aan de Europese onderhandelingstafels is hij constructief, maar in Den Haag vertelt hij dat het allemaal niet deugt. Hij verdedigt de compromissen niet, hij legt ze zelfs niet uit. Na al die tijd is er in zijn geval geen sprake meer van een spagaat, maar van een volledig split. Daar is zijn broek nu van gescheurd. Wie scepsis zaait, oogst scepsis. Uiteraard moeten de Nederlanders niet weten van zo’n typisch Europese Oekraïne-deal, van de soort die door de eigen premier altijd wordt gehekeld. Ofwel luistert Rutte nu naar zijn kiezers en is hij de risee voor zijn Europese collega’s, ofwel omgekeerd. De komende periode mogen we dus flikflaks en achterwaartse salto’s verwachten, knullig en half uitgevoerd. Het is echt geen zicht meer. Iemand moet hem dat dringend eens vertellen.

Rutte is de kampioen van de spreidstand, maar hij is niet de enige Europese leider die in eigen land doet alsof hij niets te maken heeft met de compromissen die hij zelf sloot. In vele landen heb je politici die hetzelfde doen. België is er lang van gespaard gebleven, hoewel er recent tekenen van verandering zijn. N-VA-voorzitter Bart De Wever foetert geregeld op de Europese aanpak van de vluchtelingen, terwijl zijn partijgenoten tegelijk deals maken met hun collega’s in de Unie. Daarbij houden zij uiteraard rekening met de Europeanen die niet op de N-VA gestemd hebben, en dat zijn er circa 507 miljoen. Overigens moet De Wever niet klagen. Met uitzondering van de Duitsers willen de meeste regeringen ongeveer hetzelfde als wat hij voor ogen heeft: een fort met een grote prikkeldraad er rond. Het beleid gaat bijgevolg die richting uit.

En er is nog iemand die al jaren in een spagaat verkeert: de Britse premier David Cameron. Of die er ook zijn broek aan scheurt, ontdekken we op 23 juni, als de Britten naar de stembus gaan.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s