Als het maar geen superstaat wordt

Vorige week dook de boerkini op in de perszaal van de Europese Commissie. Niet letterlijk uiteraard, want het is met de boerkini zoals met de Pokémon: alleman is er deze zomer hard mee bezig, maar niemand zag er al een in het echt.

De Commissie kreeg de vraag die ze wel vaker krijgt: waar blijft Europa? Moeten de fundamentele rechten niet bewaakt worden? Moet een boerkiniverbod dus niet veroordeeld worden? Van de weeromstuit richtte een andere strekking zich ook tot Europa: moet de boerkini in de hele Unie niet afgeschaft worden in het kader van de strijd tegen de terreur? De Europese woordvoerder maakte er zich met de gemakkelijkheidsoplossing van af: ‘We zijn niet bevoegd, niet om de boerkini te verbieden, evenmin om het verbod erop te verbieden.’ Deze uitvlucht hanteert de Commissie wel vaker als haar gevraagd wordt om een mijnenveld te betreden. Het is niet uitgesloten dat er straks nog een actiegroep opduikt die op Europees niveau lobbyt voor een boerkiniverplichting, bijvoorbeeld voor strandgangers met een BMI van meer dan 25. Het zal verloren moeite zijn.

Het punt is dat iedereen die met kleine of grote problemen zit, blijft aankloppen bij Europa. Thema’s die op nationaal niveau niet opgelost raken, of waarvan men hoopt dat de nationale aanpak overruled kan worden, blijven hun weg naar de Europese agenda vinden. Nochtans leek er na het Brexitreferendum een consensus te groeien: Europa moet bescheidener worden en meer ruimte geven aan de lidstaten. Dat is ook de mantra in de aanloop naar de top van Bratislava. Daar zullen de leiders halfweg september regelen hoe het verder moet met de Unie zonder Britten. Zelfs in België hamert de grootste partij er keer na keer op: het moet gedaan zijn met potige politieke preken. Europa mag geen superstaat worden.

Een scherpere blik op de standpunten doet vermoeden dat het daar in Bratislava geen jamboree van gelijkgestemden wordt. Er zijn lidstaten die een strenge naleving willen van de regels van de euro. Begrotingsontsporingen moeten harder bestraft worden, ook als ze zich in Frankrijk voordoen. Er is sterker Europees toezicht nodig, klinkt het. Maar dus zeker geen superstaat.

Andere lidstaten kijken naar Europa om groei te stimuleren en werkloosheid aan te pakken. Ze willen een groot Europees budget en een investeringspolitiek van formaat. Maar in geen geval een superstaat.

Er zijn ook landen die bang zijn voor de machtspositie van de Russen in het energiedebat. Zij willen niet dat Duitsland nog aparte dealtjes sluit met Poetin. Er moet een krachtig gemeenschappelijk beleid komen, om samen sterker te staan tegen leveranciers van gas en olie. Maar geen superstaat.

Landen die bang zijn voor vluchtelingen willen een groot hek rond Europa en een centraal aangestuurde politie om de buitengrens te bewaken. Maar voor alle duidelijkheid geen superstaat. Andere lidstaten willen vooral dat er Europese verdeelsleutels komen om vluchtelingen automatisch toe te wijzen aan de landen. Maar natuurlijk geen superstaat.

Erg kritische Oost-Europese lidstaten als Hongarije en Tsjechië gruwen nog het meest bij het superstaatidee. Maar vorige week lieten ze wel weten dat ze zich niet veilig voelen en dat de Europese defensie te versnipperd is, met haast dertig landmachtjes, zeemachtjes, luchtmachtjes en muziekkapellen. Er moet één groot en krachtig leger komen, zo zeiden ze, met één Europees commandocentrum en soldaten onder één gezag. Maar géén superstaat.

We hebben dus een Europa nodig dat de markt organiseert, milieu en gezondheid beschermt, in veiligheid voorziet, de eurozone laat functioneren, een centraal energiebeleid uitwerkt, iets met de vluchtelingen doet, een sterke stem heeft in de wereld, liefst ook voor groei zorgt en een leger heeft. Zolang het maar geen superstaat wordt.

Voor nationaal gebruik blijven leiders uitkramen dat Europa een stap terug zal zetten. De bevolking merkt dat de praktijk anders is, raakt de kluts kwijt en presenteert de rekening bij elk referendum. De realiteit is dat elk probleem dat te groot, te zwaar of te ingewikkeld is voor de aparte lidstaten onvermijdelijk op de Europese agenda komt. Dat zijn er steeds meer. Maar net als bij het futiele boerkinidebat is de prioriteit van de ene niet die van het andere. Visies op de meest geschikte oplossingen verschillen al evenzeer. Nu de Britten gaan vertrekken, worden de machtsverhoudingen opnieuw gekalibreerd. Ieder wil de vrijgekomen ruimte innemen en zal op zijn strepen staan. Brexitliefhebbers die zichzelf wijsmaakten dat Europese politiek zonder het Verenigd Koninkrijk gemakkelijker zou worden, mogen zich al voorbereiden op de kater van Bratislava.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s