Om het hardst anti-TTIP

Vorige week liep het opblaaspaard van Troje door Brussel. Het wordt door ngo’s van stal gehaald om te protesteren tegen het vrijhandelsakkoord waarover Europa onderhandelt met Amerika. Er zijn weinig afkortingen die in heel de Unie zo veel volk op straat krijgen als TTIP, het Transatlantic Trade and Investment Partnership. Steden en gemeenten verklaren zich massaal TTIP-vrij. Ze stemmen erover in de gemeenteraad en schrijven het vervolgens op hun website en op een plakkaat bij het binnenrijden van de bebouwde kom. Weldenkende mensen verzetten zich tegen deze handelsgesprekken en de meeste niet-weldenkende mensen intussen ook. Verdedigers vindt men nog slechts met een vergrootglas, of het zou Karel De Gucht moeten zijn, maar die is er beroepshalve toe verplicht: drie jaar geleden startte hij als Europees commissaris de onderhandelingen op.

De organisaties die opriepen tot de anti-TTIP betoging zien geen heil in een vrijhandelsdeal met Amerika. Zeker, TTIP is in het voordeel van bedrijven die voor grote markten produceren. Hoe minder obstakels, hoe liever ze het hebben. Maar worden wij er daarom ook slechter van, zoals de manifestanten geloven? Volgens de Europese Commissie in elk geval niet. Als het is om haar gelijk te bewijzen, schuwt ze nooit een hyperbool. Ze heeft het over honderdduizenden nieuwe banen en heel veel extra groei. Prognoses van de Commissie pakken meestal anders uit en de betogers zijn terecht sceptisch.

Toch moeten we er niet van uitgaan dat TTIP automatisch leidt tot lagere milieu- of voedselnormen. Daar is intussen een karikatuur van gemaakt, opgetrokken rond chloorkippen, hormonenvlees en Miley Cyrus. Waarom denkt iedereen dat Europa de rode loper zal uitrollen voor Amerikaanse brol en rommel? Alsof er in de Verenigde Staten geen consumentenlobby’s zijn. Alsof Amerikanen bij bosjes doodvallen omdat hun eten vol vergif zit. Alsof Europa nog nooit voedselschandalen of dioxinecrises heeft gekend. En alsof alleen Europa het patent heeft op strenge uitstootnormen voor auto’s. Werd onze sjoemelsoftware trouwens niet ontdekt op een Amerikaanse testbank? Het is waar dat Europa vaak strengere regels heeft, en het is precies de verdediging daarvan die het onderwerp vormt van de onderhandelingen.

Waarom zijn alle manifestanten er blijkbaar van overtuigd dat Europa door de knieën gaat? Het is een rare veronderstelling, net nadat de Commissie aan Apple liet weten dat het dertien miljard achterstallige belastingen moet betalen. Geen enkele instantie ter wereld, behalve de Europese Unie, durfde het al aan om een Amerikaanse gigant als Microsoft miljardenboetes op te leggen. Na veertien gespreksrondes over TTIP is er nog geen akkoord, en dat is een goed teken. Het wil zeggen dat de Commissie zich schrap zet. Wie trouwens moppert over het gebrek aan transparantie, heeft geen verstand van onderhandelingen. Als de Commissie al haar kaarten bloot op tafel legt, kan ze alleen maar verliezen. Dat is bij het pokeren zo, en ook bij het negotiëren.

Of verzetten de betogers met hun plastic paard zich principieel tegen vrije handel? Binnen Europa hebben we intern nochtans min of meer alle handelsbarrières opgeruimd, sinds de realisatie van het Europa 92-project. Het is Jacques Delors die dat als Commissievoorzitter regelde. Een socialist, en dan nog een Franse. Hij is de vader van de interne markt, en onderwierp ze tegelijk aan talrijke normen om milieu en consumenten te beschermen en sociale rampen te vermijden. Op kleine markten is het in een geglobaliseerde wereld moeilijk om hoge standaarden overeind te houden. Hoeveel de interne markt ons hier opbracht, is moeilijk te becijferen. Er waren ongetwijfeld ook verliezers, maar het nettoresultaat was positief. Niemand wil terug naar slagbomen en naar douaniers met een kepie die taksen berekenen en alle goederen controleren.

Het project van Delors kende een neveneffect: Europa ging wereldwijd mee de norm zetten. Iedereen wilde zaken doen met de meest welvarende plek ter wereld. Bedrijven richtten zich bijgevolg op de Europese normen, die zo op allerlei terreinen wereldstandaard werden. Intussen neemt elders de koopkracht toe. Bedrijven vinden andere afzetmarkten en wellicht wordt het voor Europa lastiger om de normen van morgen te bepalen. In bondgenootschap met Amerika zou de Unie meer gewicht hebben om wereldstandaarden te blijven zetten. Misschien zal het niet altijd zo streng zijn als we zouden willen, maar zonder TTIP laten we het in toenemende mate over aan Russen of Chinezen.

Het is goed dat vakbonden en ngo’s alert blijven. Maar dat is nog wat anders dan om het hardst anti-TTIP zijn. Op de spandoeken stonden geen voetnoten en door de megafoon schreeuwde niemand een nuance. En toch kan TTIP echt ook kansen bieden.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s