De grand écart van de eurorealist

Liberaal fractieleider Guy Verhofstadt kroop vorige week in het Europees Parlement weer eens op zijn luchtfiets. Op het grote blad trok hij goed door: er moet een verdragswijziging komen, de Commissie verdient meer slagkracht, er is extra Europese capaciteit nodig in de strijd tegen terreur, een echt buitenlands beleid dringt zich op en de verlammende unanimiteitsregel moet de vuilnisbak in.

Een paar weken geleden was Verhofstadt nog in Amerika, waar hij zijn jongste boek voorstelde, Europe’s last chance. Ruim tien jaar geleden schreef hij al De Verenigde Staten van Europa. Ook toen bepleitte hij een grote sprong voorwaarts, ook toen moest het onmiddellijk gebeuren, ook toen was het de laatste kans. Intussen maakten we een bankencrisis mee, een schuldencrisis, een vluchtelingencrisis, een terreurcrisis en een hoop andere existentiële ellende. En steeds bleef Verhofstadt druk gesticuleren dat het nu of nooit was.

Het werd niet nu, maar ook niet nooit. De sprong naar een federaal Europa komt er niet, maar de Unie klapt evenmin in elkaar. Het project is taai en plakkerig, en overleeft op minder elegante wijze, met kleine stapjes, strompelend van deeloplossing naar deeloplossing. Het gaat wel in de richting van Verhofstadts visioenen, maar altijd traag en sloom, en zonder de eindbestemming te bereiken. Het zijn immers de leiders van de lidstaten die beslissen over Europa’s pad. Zij klampen zich vast aan laatste restjes soevereiniteit, zolang het kan.

Wil de N-VA meer of minder Europa?

Belgische regeringen wijken af van die norm. Zij zagen er de voorbije decennia weinig graten in om ongegeneerd te pleiten voor extra Europese bevoegdheden. Problemen zijn grensoverschrijdend en vragen om een aanpak die dat ook is. Niet met dichtgeknepen remmen, maar met werkelijke soevereiniteitsoverdracht.

In het Europees Parlement kreeg Verhofstadt scherpe kritiek van de N-VA, net als Open VLD een regeringspartij. Voor Sander Loones, Europarlementslid en ondervoorzitter van de partij, was het rapport van Verhofstadt politieke masturbatie. Niemand zit te wachten op een Europese superstaat, wist hij.

N-VA’ers noemen zichzelf graag eurorealisten. Ze willen sommige Europese bevoegdheden terughalen naar de lidstaten. Maar een concreet lijstje maakte de N-VA nog niet. De Nederlandse regering pleitte in 2013 ook voor minder Europese regelingen en voerde een studie uit. De denkoefening leverde bitter weinig op: de voornaamste conclusie was dat de competentie voor schoolmelk terug naar de lidstaten moest, en dat lidstaten weer zelf bevoegd moesten worden voor overstroomde rivieren, als die tenminste niet grensoverschrijdend zijn. Andere regels bleken bij nader inzien zinvoller dan oorspronkelijk gedacht.

Wat voor de N-VA in de toekomst niet meer Europees moet worden aangepakt, blijft onuitgesproken. Wat de partij wel van de Unie verwacht, is duidelijker. Dat staat in het programma. Er is een pleidooi voor begrotingsnormen die strikt moeten worden toegepast, ook door grote lidstaten. Er moet meer centraal toezicht zijn op banken. De uitvoering en handhaving van bestaande regels moeten strenger worden gecontroleerd. Oneerlijke concurrentie en sociale dumping moeten worden aangepakt en de strijd tegen sociale fraude moet worden opgedreven. Lidstaten die de armoededoelstelling niet halen, verdienen straf. Er is strakke controle nodig, om te vermijden dat lidstaten verdoken barrières op de eengemaakte markt oprichten. Samengevat: de landen moeten meer in het gareel lopen.

Tegelijk roept Loones in het Europees Parlement dat de lidstaten in geen geval verzwakt mogen worden. De Unie moet dus veiligheid, banen, een interne markt en een handelsbeleid voorzien. Ze moet armoedenormen afdwingen, een stem in de wereld hebben en grensbewaking zelf regelen in plaats van die uit te besteden aan de Turken. Zolang het maar geen superstaat wordt.

Er zit een eigenaardige zwieper in de redenering. Op de terreinen waar de N-VA meer van de Unie verwacht, loopt het moeizaam omdat 28 lidstaten ruziën tot ze het eens raken over de laatste komma of omdat ze niet gestraft willen worden bij overtreding van de afspraken. Om de Europese dromen van de N-VA te realiseren is er een strenger Hof van Justitie nodig, een sterkere Commissie en minder unanimiteit. Instellingen met ballen dus, we zeggen het maar zoals het is. De plannen van Verhofstadt zullen niet eens volstaan.

Als regeringspartij bepaalt de N-VA nu mee de Belgische Europadoctrine. Maar haar mening is niet uitgekristalliseerd. Het is het een of het ander. Ofwel wil ze de grote ambities uit haar partijprogramma waarmaken, en dat vraagt sterke instellingen die lidstaten kunnen dwingen om in de pas te lopen. Ofwel wil ze minder Europa dan vandaag. En dan moet ze eens zeggen wat ze daarmee bedoelt.

Advertisements

Libië, het Mexico van Europa

Ze noemen mij nu ‘onze Donald’, liet Europees president Donald Tusk weten na een bijeenkomst van de leiders van de Unie in Malta. Met het groepsgevoel zit het dus goed, wilde hij zeggen. Het valt te hopen. Een paar dagen eerder had hij een brief geschreven waarin hij de nieuwe Amerikaanse regering een bedreiging noemde. In dezelfde zin ging het over radicale islam, Russische agressie en anarchie in Afrika. Dat kan tellen. Er is veel aan te merken op Tusk, maar van linkse hypocrisie of hysterie heeft hij nog nooit in zijn leven last gehad. Het moet dus zijn dat hij zich oprecht grote zorgen maakt over de ontwikkelingen in de Verenigde Staten.

De voorbije zeventig jaar waren de Amerikanen meestal een soort grote broer. We maakten dikwijls ruzie, maar er was ook de overtuiging van de gelijklopende belangen. Er was vooral het besef dat de sterkte van de ene bijdroeg tot de sterkte van de ander.

De nieuwe Amerikaanse president ziet het anders: je kunt maar sterk zijn als de ander zwak is. Dus speelt hij stokebrand, juicht de Brexit toe en hoopt op het vertrek van nog allerlei landen. Hij speculeert op het uiteenspatten van de euro en geeft steun aan radicaal-rechtse partijen die er hun hobby en beroep van maken om de Unie onderuit te halen. Ted Malloch, de kerel die gesuggereerd wordt als Amerikaans ambassadeur bij de Unie, wil Europa ‘temmen’. Je kunt de Europese Unie met van alles vergelijken, maar met een wild beest, dat is toch nieuw. Misschien moeten we het als een compliment beschouwen?

Trump ziet het zo: je kunt maar sterk zijn als de ander zwak is

Het is goed dat de Europese president niet zomaar over zich heen laat lopen. À la guerre comme à la guerre. De boodschap had trouwens nog krachtiger gemogen, want Tusk las zijn brief mompelend en stamelend voor, met de blik beurtelings naar het plafond en naar zijn schoenen, in plaats van uitdagend in de camera. Maar bon, dat is de stijl van onze Donald.

Wat er daarna in Malta gebeurde, is veel treuriger. Eerst zetten de leiders zich resoluut af tegen Trump, om vervolgens diens beleid nogal klakkeloos te imiteren. De Unie sloot namelijk een akkoord met Libië, zogezegd om te vermijden dat er nog mensen verdrinken in de Middellandse Zee. Bogdan Vanden Berghe van 11.11.11 nam de deal al op de korrel (DS 4 februari) . De werkelijke bedoeling is natuurlijk om vluchtelingen buiten te houden. Zoals UGent-politicoloog Thibaut Renson opmerkte op Knack.be: als het niet problematisch zou zijn voor het toerisme, we zouden overwegen om een muur te bouwen langsheen de hele zuidelijke kustlijn, van de Costa del Sol, over de Côte d’Azur, tot Chalkidiki. Het voornaamste verschil met wat de Amerikanen uitspoken aan de Mexicaanse grens, is dat wij niet gezegd hebben dat de Libiërs ervoor moeten betalen. We draineren wat geld van ontwikkelingssamenwerking naar de Libische diensten voor grensbewaking. Niemand weet waar die fondsen terechtkomen en wat ermee zal worden uitgespookt, want er is ginds geen stabiele regering. Er zijn er minstens drie, naast een hoop milities die stukken land controleren en elkaar bekampen. Uit alle rapporten blijkt dat Libië een verschrikkelijk land is, dat de toestanden in de kampen mensonwaardig en gevaarlijk zijn, en daarbuiten nog erger. De enige bedoeling van de afspraak is om de miserie uit ons zicht te houden.

Als Europa werkelijk verontwaardigd is over de Amerikaanse politiek, moet er uit een ander vat getapt worden. In Malta spraken de leiders af om een verklaring voor te bereiden naar aanleiding van de zestigste verjaardag van de Verdragen van Rome, straks in maart. Tien jaar geleden vierden ze de vijftigste verjaardag, en het was ook met een verklaring: ‘Wij staan voor grote uitdagingen, die niet stoppen bij nationale grenzen. Wij zullen de burgerlijke rechten en vrijheden verdedigen. De Europese Unie wil armoede, honger en ziekten terugdringen. Wij willen gezamenlijk onze bijdrage leveren tot het afwenden van de mondiale dreiging van klimaatverandering.’

En zo ging het toen maar door, drie bladzijden lang, allerlei fraais op een hoopje. Diplomatiek gepalaver over een nieuwe verklaring is nu echt niet nodig. Het zou goed zijn om de zestigste verjaardag eens niet te vieren met alweer een verklaring, maar met een actieplan. In de deal met Libië heeft de Unie nog het meeste weg van een struisvogel die de ellende niet gezien wil hebben. Het komt me voor dat een struisvogel makkelijker te temmen en in elk geval te domineren valt dan een beest dat de uitdagingen meer onverschrokken en met open vizier te lijf gaat.